ISCO

ISCO staat voor In-Situ Chemische Oxidatie. Met behulp van een nauw gezet netwerk van injectiefilters of via Direct-Push worden oxidatiemiddelen in het grondwater geïnjecteerd. In de injectiezone en het benedenstroomse gebied worden de aangetroffen schadelijke stoffen abiotisch geoxideerd en gemineraliseerd. Met ISCO kunnen in korte tijd grote hoeveelheden verontreiniging worden afgebroken waardoor deze methode bijzonder geschikt is voor bronaanpak. De techniek is geschikt om organische stoffen als VOCl, BTEX, PCB’s, PAK, minerale olie maar ook andere (exotische) componenten te saneren.

Immobilisation

Om een verontreiniging te immobiliseren, wordt de bodem vermengd met toeslagstoffen. Deze toeslagstoffen zorgen voor ‘verkitting’ van de bodemdeeltjes, waardoor verspreiding van de verontreiniging wordt uitgesloten. Daarnaast kunnen toeslagstoffen worden gebruikt die de verontreiniging kunnen veranderen in minder gevaarlijke en minder mobiele stoffen of kunnen afbreken. Vaak wordt een combinatie van beide methoden toegepast. De vermenging met de toeslagstoffen gebeurt door deze ter plekke met de grond te mengen (mixed in place) of door deze te injecteren zoals bij in-situ metal precipitation (ISMP). Deze methode is bijzonder geschikt voor de behandeling van verontreinigingskernen.

Thermische sanering

Het principe van thermische sanering berust op het verwarmen van de bodem en het grondwater om verontreinigingen te mobiliseren (hoge temperatur toepassingen) of natuurlijke afbraakprocessen te stimuleren (lagere temperaturen). Hoge temperatuur wordt meestal toegepast in kernzones van verontreinigingen en vinden altijd plaats in combinatie met Venting, Sparging en/of Extraction om de gemobiliseerde stoffen uit de bodem te ontrekken en ex-situ te behandelen. Bij lagere temperaturen kunnen aanvullend nutriënten worden geïnjecteerd.

Omdat voor thermische sanering veel energie nodig is, worden er actueel toepassingen ontwikkelt die gebruik maken van duurzame energie.

×